MiFID II dunt productaanbod uit

De kosten die invoering van MiFID II met zich meebrengt, dwingt banken en vermogensbeheerders om na te denken over hun businessmodel. Een van de afwegingen daarin is de productstrategie, oftewel bepalen welk type producten deel uitmaken van het aanbod.

De markt laat in 2017 al een ‘record inflow’ in passieve beleggingsproducten zien. Veel partijen kiezen door toegenomen regelgeving en prijsdruk meer en meer voor de simpele beleg- gingsoplossingen. MiFID II zet de kritische blik op het productaanbod verder op scherp.

De winstgevendheid van vermogensbeheerders staat erg onder druk. Dit komt door concurrentie van onlinespelers die zorgen voor prijsdruk. Maar ook door forse toename van de compliancekosten. MiFID II vraagt partijen om aanpassingen in de systemen en voor meer investeringen in compliance. Uit cijfers van Scorpio Partnership blijkt dat kleinere bedrijven ongeveer 10% van de omzet aan compliancekosten kwijt zijn terwijl grotere bedrijven ongeveer 3% van de omzet besteden aan compliance.

Hogere kosten

MiFID II kent binnen de product governance-richtlijnen het pro- portionaliteitsprincipe. Dat houdt bijvoorbeeld in dat naarmate een product meer complex is, er wordt verwacht dat er meer detailinformatie van het product beschikbaar is terwijl bij een minder complex product kan worden volstaan met een bulkbeschrijving van de groep producten waar het product toe behoort.

Ook voor selectie en goedkeuring van producten geldt proportionaliteit. Simpele producten mogen als groep worden goedgekeurd terwijl meer complexe producten individueel door de goedkeuringsprocedure moeten. Ook bij de jaarlijkse herziening van de producten geldt dit onderscheid. Dit betekent dat simpele producten wezenlijk minder tijd vragen van productspecialisten en medewerkers van risk, legal en compliance.

MiFID II vereist dat de vermogensbeheerder jaarlijks een overzicht aan de klant verstrekt met de werkelijk gemaakte kosten. Deze kosten moeten worden weergegeven in zowel een percentage als in absolute bedragen. Dit is een aspect van de nieuwe regelgeving die veel partijen nerveus maakt en ook sterk meespeelt in de bepaling van het productaanbod. De hogere kosten van complexe producten worden direct zichtbaar voor de klant. In een periode dat deze producten weinig toegevoegde waarde aan het rendement hebben geleverd, kan dit tot lastige gesprekken met de klant leiden en mogelijk zelfs tot een claim. In het geval niet exact de juiste informatie aan de cliënt is verstrekt bij de advisering van het product loop je ook het risico deze claim te moeten betalen.

Het aanbieden van complexe producten vraagt dus een organisatie met zeer efficiënte product-approval-processen, een heel goede informatielijn met de producent van het product en goed opgeleid personeel dat het product door en door kent. Dat is een duur model. Of het ook een winstgevend model is, hangt af van de toegevoegde waarde van de producten in de portefeuilles en het onder controle krijgen van de risico’s van misverkoop.

Dit artikel is verschenen in het FondsNieuws magazine op 20 september 2017

Deel gerust met anderen.....Email this to someoneTweet about this on TwitterShare on LinkedIn